Home – Moeder Terminologie
De terminologie gerelateerd aan moeders omvat alle woorden, begrippen en uitdrukkingen die te maken hebben met het moederschap en alles wat daarbij hoort. Denk hierbij aan onderwerpen zoals zwangerschap, bevalling, opvoeding, gezondheid, emotionele ondersteuning en de rol van moeders in het gezin en de samenleving. Deze begrippen helpen om een duidelijker beeld te krijgen van de verantwoordelijkheden, uitdagingen en vreugden die bij het moederschap horen.
Daarnaast weerspiegelt deze terminologie ook de culturele, sociale en psychologische betekenissen die aan moeders worden toegekend. Door deze termen te begrijpen en te gebruiken, wordt het eenvoudiger om te praten over de diverse aspecten van het moederschap en de invloed ervan op het dagelijks leven. Zo ontstaat er meer begrip en waardering voor de unieke positie van moeders in verschillende contexten.
Onze missie: Om moeders te ondersteunen, inspireren en verbinden. We willen een toegankelijke en betrouwbare bron bieden voor praktische tips, waardevolle inzichten en herkenbare verhalen over opvoeding, gezondheid, carrière en lifestyle.
moedermagazine
Hier vindt u informatie per trimester, symptomen, voeding, gezondheidscontroles en mogelijke complicaties.
De zwangerschapskalender geeft je een duidelijk overzicht van elke fase, van de eerste week tot de laatste maand.
Ontdek tips, verzorgingsadviezen en wat je kunt verwachten in de eerste weken na de geboorte.
Elke maand brengt nieuwe wonderen! Volg de ontwikkeling van je baby, van zijn eerste glimlach tot zijn eerste stapjes.
Versterk je communicatie door moeder terminologie te begrijpen. Ontdek de betekenis en het belang voor warme, heldere gesprekken. Bij MoederMagazine willen we deze wereld toegankelijk maken door de terminologie rondom het moederschap helder uit te leggen. Van alledaagse woorden tot gespecialiseerde termen uit opvoeding, gezondheid en psychologie, het begrijpen van de juiste terminologie helpt moeders, ouders en verzorgers om beter geïnformeerde keuzes te maken.
Alle begrippen over zwangerschap, bevalling, baby’s en kinderen op één plek. Zoek snel de betekenis van termen die je tegenkomt als (aanstaande) ouder.
Bewuste tijd die een moeder doorbrengt met haar kind(eren).
Het opnemen van een kind dat niet biologisch van de ouder is in het gezin.
Momenten of tradities die moeders helpen bij het loslaten, bijvoorbeeld bij school of werk.
Stof die een allergische reactie kan veroorzaken, zoals pinda’s of koemelk.
Het uitblijven van de menstruatie, vaak het eerste teken van zwangerschap.
Een test die direct na de geboorte wordt uitgevoerd om de conditie van de baby te beoordelen (0-10 punten).
Opvoedfilosofie gericht op sterke emotionele band en responsief ouderschap.
Strenge opvoedstijl met strikte regels en weinig ruimte voor inspraak.
Opvoedstijl met warmte én duidelijke regels, beschouwd als meest effectief.
Ontwikkelingsfase rond 2 jaar waarbij peuters grenzen verkennen en zelfstandig willen zijn.
Het onderste deel van de baarmoeder dat opent tijdens de bevalling.
Lichte stemmingsdaling kort na de bevalling, gaat meestal vanzelf over.
Apparaat waarmee je je baby op afstand kunt horen of zien.
Methode waarbij baby’s zelf stukjes vast voedsel eten in plaats van gepureerd.
Alle spullen die je nodig hebt voor de komst van een baby.
Vaste handelingen voor het slapengaan om kind te helpen ontspannen.
Positieve bekrachtiging van gewenst gedrag.
Een baby geboren tussen week 37 en 42 van de zwangerschap, op tijd.
Wettelijke periode waarin moeders vrij krijgen rondom de bevalling.
Het emotionele proces van gehechtheid tussen moeder en kind.
Vaste voeding die naast melkvoeding wordt gegeven, meestal vanaf 4-6 maanden.
Virusziekte met opgezwollen speekselklieren, te voorkomen met vaccinatie.
Pijnlijke ontsteking in de borst tijdens het geven van borstvoeding.
Apparaat om moedermelk af te kolven en te bewaren.
Het voeden van een baby met moedermelk uit de borst.
Afgeschermd speelgebied waarin een baby veilig kan spelen.
Het maken van herhaalde klanken zoals “ba-ba” of “da-da”, vanaf ongeveer 6 maanden.
Oefenweeën die de baarmoeder voorbereidt op de bevalling, meestal pijnloos.
Baby op de buik laten liggen om nek- en schoudermusculatuur te versterken.
Ontwikkeling van denken, geheugen, aandacht en probleemoplossing.
De eerste moedermelk, rijk aan antistoffen en voedingsstoffen, geproduceerd kort na de geboorte.
Het balanceren van carrière en gezinsleven.
Logische gevolgen van gedrag die kinderen helpen leren.
Consistent blijven in regels en reacties, belangrijk voor duidelijkheid.
Plek waar baby’s en peuters regelmatig worden gevolgd voor groei en ontwikkeling.
Samen opvoeden door gescheiden ouders.
Massage van het gebied tussen vagina en anus om scheuren tijdens bevalling te voorkomen.
Specifieke band tussen moeder en dochter.
Lange lap stof om een baby dicht tegen je lichaam te dragen.
Heftige emotionele uitbarstingen, normaal in de peuterfase.
’s Nachts geen luier meer nodig hebben, komt meestal na dagzindelijkheid.
Een onderzoek waarbij met geluidsgolven beelden van de baby in de baarmoeder worden gemaakt.
De ongeboren baby in de eerste 8 weken van de zwangerschap.
Het leren beheersen en uiten van emoties op een gepaste manier.
Pijnbestrijding tijdens bevalling via een injectie in de rug.
De eerste zelfstandige stappen, meestal tussen 10-15 maanden.
Eerste betekenisvolle woord, meestal “mama” of “papa”, rond 10-14 maanden.
Moeder die haar kennis of ervaring deelt met anderen.
De relatie tussen moeder en andere familieleden.
Doen-alsof spelletjes waarbij kinderen situaties naspelen, vanaf ongeveer 2 jaar.
Precieze bewegingen met vingers en handen, zoals pakken en vasthouden.
Kleine stukjes voedsel die een baby zelf kan vasthouden en eten.
Het voeden van een baby met kunstvoeding uit een fles.
De ongeboren baby vanaf de 9e week van de zwangerschap tot aan de geboorte.
Speen om op te zuigen ter kalmering, niet voor voeding.
Een laag krukje dat gebruikt wordt tijdens bevalling in zittende positie.
Persoonlijk plan waarin wensen rondom bevalling worden vastgelegd.
Gele verkleuring van huid en ogen bij pasgeboren baby’s door te veel bilirubine.
Bewuste keuze over het krijgen van kinderen.
Duidelijke regels en verwachtingen aangeven aan kinderen.
Aangeboren reflex waarbij een baby automatisch vastgrijpt wat in zijn handje komt.
Periode waarin een baby een grote ontwikkelingsstap maakt, vaak met onrust gepaard.
Grote bewegingen zoals rennen, springen en klimmen.
Arts gespecialiseerd in zwangerschap, bevalling en vrouwelijke geslachtsorganen.
Virusinfectie met blaasjes op handen, voeten en in de mond.
Voorkeur voor links- of rechtshandig, wordt vaak duidelijk na het eerste jaar.
Vaste voeding in kleine porties, geschikt voor baby’s die beginnen met bijvoeding.
De emotionele band tussen baby en verzorger, cruciaal voor ontwikkeling.
Het zelfstandig omhoog kunnen houden van het hoofdje, meestal vanaf 3-4 maanden.
Lichamelijke en emotionele veranderingen bij moeders tijdens zwangerschap en kraamtijd.
Baby die excessief en onverklaarbaar huilt, vaak meer dan 3 uur per dag.
Extreme ochtendmisselijkheid tijdens zwangerschap die kan leiden tot uitdroging.
Hoe een vrouw haar rol als moeder beleeft en vormgeeft.
Te weinig ijzer in het bloed, kan leiden tot bloedarmoede.
Het kunstmatig op gang brengen van de bevalling met medicatie.
Het stevig inwikkelen van een baby voor rust en geborgenheid.
Organisatie die groei, ontwikkeling en gezondheid van kinderen volgt.
Ondersteuning en begeleiding bij de opvoeding van kinderen.
Wanneer een vrouw op jonge leeftijd moeder wordt.
Een operatieve bevalling waarbij de baby via een snede in de buik wordt gehaald.
Arts gespecialiseerd in de gezondheid van kinderen.
Professionele opvang voor kinderen zodat ouders kunnen werken of studeren.
Vervoermiddel op wielen voor baby’s en peuters.
Ernstige luchtweginfectie met hevige hoestbuien, te voorkomen met vaccinatie.
Het vasthouden van voorwerpen tussen duim en wijsvinger, ontwikkelt rond 9-12 maanden.
Pijnlijke krampen in de buik, vaak bij jonge baby’s.
De periode van 6-8 weken na de bevalling waarin het lichaam herstelt.
Professionele zorg en ondersteuning thuis in de eerste dagen na de bevalling.
Voortbewegen op handen en knieën, meestal rond 8-10 maanden.
Babymelk die als alternatief voor moedermelk wordt gegeven.
Het aanmaken van moedermelk.
De positie van de baby in de baarmoeder vlak voor de bevalling (hoofd-, stuit- of dwarsligging).
De periode waarin een kind nog luiers draagt.
Huidirritatie in het luiergebied door vocht en wrijving.
Autostoeltje voor baby’s van 0-12 maanden.
De verantwoordelijkheid en druk die moeders kunnen ervaren in gezin en werk.
Ontsteking van het middenoor, komt veel voor bij jonge kinderen.
Het natuurlijke zorg- en beschermingsgevoel van een moeder.
De ontwikkeling van bewegingen en lichaamsbeheersing bij een baby.
Slaapgewoonten van moeder en kind, vaak verstoord in de eerste jaren.
Het uitdrijven van de placenta na de geboorte van de baby.
De verbinding tussen de baby en de placenta, transporteert voedingsstoffen en zuurstof.
Restant van de navelstreng dat na enkele weken afvalt.
Het besef dat voorwerpen blijven bestaan ook als je ze niet ziet, ontwikkelt rond 8-9 maanden.
Van rug naar buik of andersom kunnen rollen, meestal vanaf 4-6 maanden.
Het openen van de baarmoedermond tijdens de bevalling, gemeten in centimeters (volledig is 10 cm).
Herstelperiode van het lichaam na zwangerschap.
De manier waarop een moeder haar kind opvoedt.
De manier waarop ouders hun kinderen grootbrengen en begeleiden.
Naast elkaar spelen zonder echte interactie, typisch voor 2-3 jarigen.
De rol van de partner in opvoeding en huishouden.
Toegeeflijke opvoedstijl met veel vrijheid en weinig regels.
Krachtige weeën in de laatste fase van de bevalling waarbij de baby naar buiten wordt geduwd.
Ontwikkelingsfase met driftbuien en meer autonomie bij peuters.
Het orgaan dat zich tijdens zwangerschap ontwikkelt en voedingsstoffen en zuurstof naar de baby transporteert.
Korte ziekenhuisopname waarbij je binnen enkele uren na bevalling naar huis gaat.
Opvoedstijl gericht op aanmoediging, begrip en duidelijke grenzen in plaats van straffen.
Depressieve klachten na de bevalling die langer dan twee weken aanhouden.
Inenting om bescherming te bieden tegen ziektes.
Ontsteking van de luchtpijp met blafhoest en moeite met ademhalen.
Waardevolle, onverdeelde aandacht besteden aan je kind.
Het terugvloeien van maaginhoud naar de slokdarm, kan overgeven bij baby’s veroorzaken.
Virale infectie met rode uitslag, gevaarlijk tijdens zwangerschap.
Taken en verantwoordelijkheden tussen moeder en partner.
Pauzes voor fysieke en mentale gezondheid van de moeder.
Tijd die kinderen besteden aan tablets, tv, telefoons en andere schermen.
Het proces van het kiezen van onderwijs voor het kind.
Zelfzorgmomenten die belangrijk zijn voor moeders.
Bewust glimlachen als reactie op anderen, ontwikkelt rond 6-8 weken.
Samen spelen met interactie en samenwerking, ontwikkelt vanaf 3-4 jaar.
Rechtop staan terwijl je je vasthoudt aan meubilair, meestal rond 9-10 maanden.
Het leren begrijpen en gebruiken van taal, verloopt in fasen.
Proces waarbij de eerste melktandjes doorkomen, meestal vanaf 6 maanden.
Medisch instrument dat wordt gebruikt om de baby tijdens de bevalling te helpen.
Bevalling in de eigen woning onder begeleiding van een verloskundige.
Moeder die ervoor kiest om (tijdelijk) niet buitenshuis te werken.
Korte pauze waarbij een kind apart zit om tot rust te komen na ongewenst gedrag.
Een periode van drie maanden tijdens de zwangerschap. De zwangerschap bestaat uit drie trimesters.
Moeder zijn van een tweeling met bijbehorende uitdagingen.
Zinnen van twee woorden zoals “mama weg”, ontwikkelt rond 18-24 maanden.
Taken zoals oppas of huishoudelijke hulp om balans te bewaren.
De geschatte datum waarop de baby geboren zal worden, ongeveer 40 weken na de eerste dag van de laatste menstruatie.
Een luxe of noodzaak voor veel moeders om bij te komen van slaapgebrek.
Schema met inentingen tegen ernstige ziektes, aangeboden door de overheid.
Bevalling waarbij een zuignap op het hoofdje van de baby wordt geplaatst om te helpen trekken.
Wettelijke regelingen rondom ouderschaps- en bevallingsverlof.
Gespecialiseerde zorgverlener die zwangere vrouwen begeleidt.
Virale infectie met rode wangen en uitslag, meestal onschuldig.
Het openbarsten van de vruchtwaterzak, vaak een teken dat de bevalling begint.
Planning van wanneer en wat een baby of peuter eet gedurende de dag.
Het voorlezen van verhalen, belangrijk voor taalontwikkeling en binding.
Angstige reactie op onbekende mensen, normaal vanaf ongeveer 6-8 maanden.
Medisch onderzoek waarbij vruchtwater wordt afgenomen om de gezondheid van de baby te controleren.
Zeer besmettelijke virusziekte met jeukende blaasjes op de huid.
Samentrekkingen van de baarmoeder die zorgen voor ontsluiting en uitdrijving tijdens de bevalling.
Fase waarin moeders na verlof terugkeren naar werk.
Moeder die buitenshuis werkt naast haar zorgtaken.
Plotselinge, onverklaarbare dood van een gezonde baby tijdens de slaap.
Stoeltje waarin een baby kan wippen en ontspannen.
Snelle toename van het aantal woorden dat een kind kent, meestal rond 18-24 maanden.
Unieke kwaliteiten of talenten die elke moeder bijzonder maken.
Ontspannings- en herstelvorm gericht op fysieke en mentale balans.
Actieve aandacht voor eigen gezondheid en welzijn.
Het leren gebruiken van het toilet of potje in plaats van een luier.
Het proces van leren zindelijk worden, meestal tussen 2-3 jaar.
Zelfstandig rechtop kunnen zitten zonder ondersteuning, meestal rond 6-8 maanden.
Aangeboren neiging om voor anderen te zorgen.
Het overlijden van een baby in het eerste levensjaar.
Automatische beweging waarbij een baby zuigt op alles wat zijn mond raakt.
Om je de beste gebruikservaring te bieden, maken we gebruik van technologieën zoals cookies. Hiermee kunnen we gegevens over jouw apparaat en gedrag op deze site verzamelen en opslaan. Als je toestemming geeft, helpt dat ons om bijvoorbeeld je voorkeuren te onthouden en onze dienstverlening te verbeteren. Weiger je toestemming of trek je die later in, dan kan dit invloed hebben op de werking van bepaalde onderdelen van de site.